background

Is op tablet geschreven handschrift te analyseren?

In het kader van haar masterstudie aan de Hogeschool voor Kunsten (Editorial Design) stelde Marije Holwerda zich deze vraag in haar afstudeeressay “Handwriting in the Digital Area” (2013, 27 blz.). Zij benaderde het Platform Handschriftontwikkeling om informatie. Dit leidde tot een boeiende, uitge-breide mailcorrespondentie, eindigend met “cum laude”. Als onderdeel van haar essay heeft zij een onderzoek opgenomen; vier NOG-leden hebben er spontaan hun medewerking aan verleend. In deze bijdrage wordt een indruk van het onderzoek geschetst. Hierbij is dankbaar gebruikgemaakt van de genoemde correspondentie en de essay van Marije.

Inleiding

Op 25 april 2013 legt Jeannine Klementschitsch ons de vraag van Marije Holwerda voor; zij geeft er deze toelichting bij: “Ik wil een handgeschreven sociaal platform gaan maken voor een app op tablets. Het valt mij op dat schrijven op tablets anders is dan op papier, en vraag mij af wat voor invloed dit heeft op grafologie. Er zijn al veel pennen te koop voor tablets om op te schrijven, maar daarnaast is onze vinger nu ook het schrijfinstrument geworden. Wanneer ik nu schrijf met mijn vinger op de tablet, wijkt dit heel erg af van mijn gewone handschrift. Met de stylus pen voor de ta-blets komt het meer in de buurt van mijn eigen handschrift.” Tot slot vroeg zij zich af: “Ben zo benieuwd of grafologen zich hier ook op gaan aanpassen en zich daar in gaan verdiepen, om handschriften zo goed te kunnen analyseren.”

Als eerste reactie maak ik Marije attent op het artikel “Schrijven op tablets” van Joost Steins Bisschop. Dit gaat over de ervaringen op OBS De Delta in Assendelft. Tegelijkertijd gaat er een e-bericht uit naar de internationale Vanguard- en de nationale NOG-mailkring. Ook wordt de vraag voorgelegd aan een deelnemer-uitgever van het Platform. Daarnaast geeft de recente publicatie “Developments in Handwriting and Signature Identification in the Digital Age” van Heidi Harralson welkome informatie.

Voorinformatie

Op grond van de ontvangen mailreacties en het boek van Harralson zijn de volgende gegevens vooraf wellicht het weten waard. Al lijken computers de primaire oorzaak van het afgenomen schrijfonderwijs in scholen, zou-den computers paradoxaal genoeg tot één van de redenen kunnen worden waarom schrijftrai-ning in de toekomst kan overleven. Met de toename van het gebruik van tablets en digitale pennen, die tekst vastleggen, kan er een trend komen om pen en papier door digitale apparaten te vervangen, die de behoefte in stand houden om leesbaar schrift of schrijven met de hand te produceren, dat effectief door een computer kan worden herkend om het in tekst te kunnen herleiden of vertalen. Gecomputeriseerde handschriftherkenningssystemen kunnen zelfs min-der in staat zijn onleesbaar schrift te herkennen dan mensen; nog een praktische reden waar-om handschrift zich moet conformeren aan minimale leesbaarheidsnormen.

Waar schrift eerst alleen ‘statisch’ (als product) geanalyseerd kon worden, is het nu mogelijk dit ook dynamisch (als proces) te volgen: een computersysteem legt met behulp van software al schrijvend de beweging, druk en ritmepatronen vast. Denk aan NeuroScript van Teulings en dat van het Cito! Ook gezondheidsfactoren, als tremor, Parkinson, verlies van vloeiendheid, zijn met moderne apparatuur te achterhalen, en wel op grond van de bewegingssymptomen in het handschrift.

Het maakt nogal verschil hoe een handtekening wordt gezet: op papier, met stylus, vinger- top, muis, waar je al tekenend al of niet naar kunt kijken, de beperkte ruimte, al of niet op draagbaar apparaat, waardoor bijvoorbeeld grootte, vorm en dergelijke kunnen veranderen. Bij vervalst/gesimuleerd schrift vallen vaak zwakke streekkwaliteit, lagere schrijfsnelheid, minder vloeiendheid, afgenomen snelheid en dito versnelling en streekrichting op.

Dynamische methoden zijn niet alleen beter, maar superieur boven analyse van statische kenmerken, omdat bij de dynamische methoden de tijdelijke informatie kan worden bepaald en gekwantificeerd. Statische kenmerken, daarentegen, zijn makkelijker te vervalsen dan dyna-mische/biometrische (zoals beweging, snelheid, versnelling), terwijl de laatste juist belangrijker zijn voor analyse.

Er bestaat een stylus voor op tablets, die ook druk kan laten zien. Zodra men harder drukt, zal de lijn ook dikker worden. http://adonit.net/jot/touch/

Het onderzoek

Na uitwisseling van de verkregen informatie in meerdere mails wordt de opzet van een onder-zoek duidelijk. Marije schrijft spontaan een tekst en schrijft diezelfde tekst in totaal driemaal op – eenmaal op papier en tweemaal op tablet (met verschillende instelling van grootte, moge-lijk door het schrijfprogramma). Zij formuleert hierbij de volgende onderzoeksvragen:

  1. Wat blijft constant in alle drie handschriften?
  2. Wat zijn duidelijke verschillen tussen de drie handschriften?
  3. Wat zijn kleine verschillen tussen de drie handschriften?
  4. In welke volgorde zijn de drie handschriften het makkelijkst te analyseren zijn en waarom?

De samples en vragen worden aan de vier NOG-grafologen voorgelegd, die kans zien op korte termijn hun indrukken te geven – niet wetend dat er twee samples op tablet zijn geschreven en één sample (de ‘kleinste’) op papier, evenmin wat hun volgorde is geweest.

De handschriften

Hier volgen twee van de drie samples, de ‘papieren’ en de iets grotere ‘tablet’ uitvoering:

 

Met balpen op papier geschreven (ware grootte, sample 3)

Met stylus op tablet middelgroot geschreven (sample 2)

Resultaten

De uitkomsten worden per vraag gerubriceerd, waarbij het aantal grafologen telkens tussen haakjes staat vermeld.

  1. Wat blijft constant in alle 3 handschriften?
    Letterafstand (1x)
    Overzicht, gebruik van ruimte, ruimtelijke afstand/indeling: woord- en regelafstand (4x)
    Wisselende helling van licht linkshellend, via rechtop naar licht rechtshellend (1x)
    Vlot geschreven (1x)
    Verbondenheidsgraad: afwisselend ver-/onverbonden schrift (2x), vaker onverbonden (1x) i-Punten iets rechts van neerhaal (1x)
    Eigenheid: eigen lettervormen blijven, eigen verbindingen, enkele aflopende eindhalen bij a en n (1x)
    Onderlinge zoneverhoudingen (1x)
    Mate van leesbaarheid (1x)
    Schriftsoort (1x)
    Lijnvoering (1x)

  2. Wat zijn duidelijke verschillen tussen de 3 handschriften 1-2-3 (resp. groot/kleiner/kleinst)?
    Lettergrootte (2x)
    Ruimtegebruik hs. 1 en 2 t.o.v. hs. 3 (volgorde van de mail aangehouden)(1x)
    Streekdikte of Strich, afnemend van hs. 1 naar 3 (2x)
    Regel 5 ‘most’ arcade (in hs. 1), hoek (in hs. 2) en ‘most’ ontbreekt in hs. 3 (1x)
    R van ‘ride’ in hs.3 anders dan in 1 en 2 (1x)
    Regelverloop/-voering, hs. 1 en 2 horizontaal, hs. 3 licht dalend (3x)

  3. Wat zijn kleine verschillen tussen de 3 handschriften?
    Bij hs. 2 versmalt linksrand iets, is bij hs. 1 en 3 recht (2x)
    Los-verbonden: in hs.1 ni ce, in hs.2 ni c e, in hs. 3 nic e (1x)
    Schrijfwijze: bij hs. 1 unfortunatly, bij hs. 2/3 unfortuently (1x)
    Enkele andere lettervormen (A1x)
    Dikte van de Strich (1x) [ zie ook bij vraag 2]
    Regelverloop (1x) [zie ook bij vraag 2]
    Eigenlijk geen verschillen; 3e schrift komt wat klein over, heeft misschien een "technische" oorzaak (1x)

  4. In welke volgorde zijn de 3 handschriften het makkelijkst te analyseren en waarom?
    Hs. 1 het makkelijkst, want duidelijker te zien, maar ook grover (1x)
    Hs. 2/3. Zijn iets minder duidelijk, want klein(er), minder duidelijk, wel verfijnder (1x)
    Zijn alle 3 goed te analyseren, verschillen niet wezenlijk, anders dan de grootte, voorkeur 2-3-1(1x)
    Het makkelijkst is hs. 2 – de schrijfbeweging is goed te volgen (1x)
    Daarna hs.1 – letters lopen sneller dicht door de dikkere streek; hoort dat bij de persoon of niet? (1x)
    Tot slot hs. 3 – moet turen en heb vergrootglas nodig om goed te kunnen bekijken. (1x)
    Het makkelijkst zijn hs. 2 en 3, omdat ze m.i. met een pen c.q. balpen, zijn geschreven (1x)
    Hs. 1 is qua Strichkwaliteit, waarschijnlijk moeilijker te beoordelen; het doet on-natuurlijker aan (1x)
    Als eerste handschrift 1 of 2, maakt eigenlijk niet zoveel uit; als derde no. 3 door "kleine schrift". (1x)

Conclusie

Voor Marije is de conclusie duidelijk: Een handschrift is dus evengoed te analyseren, en het maakt niet uit of het op een tablet of op papier is gemaakt. Er zijn wel verschillen die zijn op-gevallen tussen de verschillende teksten.

Vormt de soort informatiedrager – papier of tablet – geen belemmering voor verantwoorde grafologische analyse, de grootte van het geschrevene doet er wel degelijk toe. Hoe kleiner het formaat, des te moeilijker het analyseren.

Geen van de onderzoekers heeft melding gemaakt van eventuele drukverschillen bij of tussen het handschrift op papier of op tablet.

Deze bijdrage is door Marije Holwerda doorgenomen en heeft haar goedkeuring gekregen. Zij is Aartje Schoemaker, Annie Leisink, Maresi de Monchy en ondergetekende heel dankbaar voor hun spontane medewerking.

Aanvullende informatie: Op internet is onder Bamboo Paper een app voor digitale notitieblokken te vinden, waarmee creatieve invallen en gedachten zijn vast te leggen. Met deze app kan men net zo direct en eenvoudig tekenen, aantekeningen en schetsen maken als met een echt notitieblok. Als pen is er een met een zacht kussentje als ‘punt’ te gebruiken. De tekst komt, zo te zien, goed over.

Zevenaar, 23 september 2013

Share On
Dick Schermer

lorem ipsum dolor sit amet